Belastingdienst biedt duidelijkheid over vaste kostenvergoedingen voor uitzendkrachten
De Belastingdienst heeft een kennisgroepstandpunt gepubliceerd over de toepassing van vaste kostenvergoedingen bij uitzendkrachten. Daarmee is duidelijkheid gekomen over een vraagstuk dat de ABU en NBBU nadrukkelijk bij de Belastingdienst onder de aandacht hebben gebracht.
De afgelopen periode hebben ABU en NBBU hierover meerdere gesprekken gevoerd met de Belastingdienst. Centraal stond de vraag of een uitzendonderneming voor een uitzendkracht kan aansluiten bij een vaste kostenvergoeding die de inlener aan zijn eigen werknemers verstrekt en waarvan de fiscale behandeling met de Belastingdienst is afgestemd.
Met de publicatie van KG:204:2026:11 Vaste kostenvergoeding uitzendkrachten (opent in nieuw tabblad) geeft de Belastingdienst hier nu duidelijkheid over.
Wat is het standpunt van de Belastingdienst?
Een uitzendonderneming valt niet automatisch onder een afspraak die een inlener met de Belastingdienst heeft gemaakt. Een afspraak tussen de Belastingdienst en de inlener geldt juridisch namelijk niet rechtstreeks voor de uitzendonderneming.
Dat betekent echter niet dat de uitzendonderneming de vaste kostenvergoeding niet onbelast kan toepassen.
De Belastingdienst bevestigt dat een uitzendonderneming kan aansluiten bij de fiscale behandeling van de vaste kostenvergoeding van de inlener als zij aannemelijk kan maken dat:
- De uitzendkracht werkzaam is in een gelijke functie als de werknemer van de inlener die de vaste kostenvergoeding ontvangt.
- De uitzendkracht vanuit kostenoogpunt in gelijke omstandigheden verkeert. Dat betekent dat de uitzendkracht met dezelfde soort kosten wordt geconfronteerd, bijvoorbeeld doordat vergelijkbare werkzaamheden onder soortgelijke omstandigheden worden verricht.
- Dezelfde voorwaarden worden gehanteerd en dezelfde vergoedingen worden verstrekt als in de afspraak tussen de inlener en de Belastingdienst.
Een belangrijk onderdeel van het standpunt is bovendien dat uit de wet- en regelgeving niet volgt dat een werkgever het onderliggende kostenonderzoek altijd zelf moet uitvoeren. Onder voorwaarden kan dus gebruik worden gemaakt van de onderbouwing die bij de inlener aan de vaste kostenvergoeding ten grondslag ligt.
Wat betekent dit voor uitzendondernemingen
Voor ABU-leden betekent dit dat zij niet zonder meer een door de Belastingdienst goedgekeurde vaste kostenvergoeding van een opdrachtgever kunnen overnemen. Er moet per situatie kunnen worden onderbouwd dat de uitzendkracht voor deze vergoeding voldoende vergelijkbaar is met de eigen werknemer van de inlener.
Daarvoor is het in ieder geval van belang dat de uitzendonderneming beschikt over een kopie van de geldige afspraak tussen de inlener en de Belastingdienst. Uit die afspraak moet blijken onder welke voorwaarden de vaste kostenvergoeding onbelast kan worden verstrekt en op welke kosten de vergoeding betrekking heeft.
Daarnaast moet de uitzendonderneming kunnen onderbouwen dat de betreffende uitzendkrachten qua functie, werkzaamheden, omstandigheden en kostenpositie vergelijkbaar zijn met de werknemers waarop de afspraak betrekking heeft. Alleen het bestaan van een afspraak tussen de inlener en de Belastingdienst is dus onvoldoende.
De uiteindelijke beoordeling of in een concrete situatie aan alle fiscale voorwaarden wordt voldaan, blijft afhankelijk van de feiten en omstandigheden en is aan de inspecteur.
Resultaat van overleg met de Belastingdienst
ABU en NBBU hebben zich ervoor ingezet om duidelijkheid te krijgen over de positie van uitzendondernemingen die te maken krijgen met vaste kostenvergoedingen bij hun opdrachtgevers. Het gepubliceerde kennisgroepstandpunt biedt hiervoor nu een belangrijk en praktisch kader.
Het standpunt maakt duidelijk dat een afspraak van de inlener niet automatisch kan worden overgenomen, maar bevestigt tegelijkertijd dat een uitzendonderneming onder voorwaarden wel kan aansluiten bij de fiscale behandeling van die vaste kostenvergoeding.
Wij adviseren leden die hiervan gebruik willen maken om vooraf de afspraak van de inlener met de Belastingdienst op te vragen en goed vast te leggen op basis waarvan wordt geconcludeerd dat de uitzendkracht in een gelijke functie werkzaam is en vanuit kostenoogpunt in gelijke omstandigheden verkeert.
Meer informatie
Lees het volledige kennisgroepstandpunt op de website van de Belastingdienst. Daarin zijn de voorwaarden en fiscale onderbouwing nader uitgewerkt.
Het laatste nieuws
EZWB vanaf november beschikbaar voor alle eigenrisicodragers Ziektewet
Goed nieuws voor eigenrisicodragers Ziektewet. De UWV breidt de werkwijze voor Eerstejaars Ziektewetbeoordelingen (EZWB) per 1 november 2026 uit naar alle eigenrisicodragers.
Diversity Day: Zuidoost Werkt in de schijnwerpers
Aan de ene kant van het spoor ligt Amstel III, een kantorengebied dat economisch gezien geldt als de nummer één...
Arbeidskorting bij arbeidsongeschiktheidsuitkeringen wijzigt per 1 januari 2027
Vanaf 1 januari 2027 verandert de toepassing van de arbeidskorting bij bepaalde arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die via de werkgever worden betaald.