Wet arbeidsmarkt in balans brengt allocatierol uitzenden in gevaar16-04-2018


Jurrien Koops in Nieuwspoort 410

Je zult maar als werkzoekende langs de kant staan, als een van de 1,2 miljoen mensen die graag aan de slag willen. Het gevoel hebben dat de kansen keren. Met zoveel economische groei moet er toch een plekje vrijkomen. En dan dreigt er plots een flinke drempel naar werk te worden opgeworpen. Op wat, voor veel werkzoekenden, geldt als de belangrijkste weg naar de arbeidsmarkt.

U raadt het vast. Het gaat over het wetsvoorstel Wet arbeidsmarkt in balans dat uitzenden (en payroll) fors duurder maakt. Met alle gevolgen van dien voor de arbeidsmarkt. Want uitzenden vormt voor velen de eerste trede (terug) op de arbeidsmarkt. Een paar feiten op een rij:

  • Jaarlijks gaan ruim 200.000 mensen uit zogenaamde kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt via uitzenden aan het werk.
  • 35% van alle werkhervatters uit de WW doet dat via een uitzendbaan en 70% is drie jaar later nog aan het werk.
  • Voor de bijstand zorgt uitzenden voor 40% van de uitstroom naar werk en in sommige gemeenten zelfs 50%.
  • Van de oudere werklozen die weer aan het werk gaan, geeft uitzenden in 25% van de gevallen het eerste duwtje.
  • Van de succesvolle Banenafspraak wordt 15% ingevuld via de uitzendformule.

SEO becijferde dat de uitzendbranche jaarlijks zorgt voor meer uitstroom uit de WW dan instroom in de WW, veel meer en veel sneller WW-gerechtigden opneemt dan andere sectoren en daarmee de schadelast voor andere sectoren beperkt.

Het is onze allocatieve functie, waarbij uitzenden kwetsbare groepen met een hoger risico toch toegang tot de arbeidsmarkt en een opstap naar werk biedt. We worden er nota bene door de overheid op bevraagd als oplossing voor tal van vraagstukken, zoals statushouders, ouderen of arbeidsgehandicapten.

Die opstapfunctie moet niet zo fors duurder worden gemaakt met premiestijgingen ZW, WW en transitievergoedingen. Die zou beloond moeten worden voor de rol op de arbeidsmarkt en de besparing op uitkeringen.

Het wetsvoorstel betekent echter onherroepelijk hogere loonkosten, meer risico's, minder uitzendbanen en dus minder instroomkansen voor kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt. Dat heet het paard achter de wagen spannen.

Voor een inclusieve arbeidsmarkt moet niet de eerste ‘uitzendtrede’ van de arbeidsmarkt worden verhoogd, maar de tweede ‘vaste trede’ fors worden verlaagd. Dat zorgt voor beweging én balans op de arbeidsmarkt. 


Jurrien Koops, Directeur