ABU: Algemene Bond Uitzendondernemingen

AVV Cao Bouw & Infra

Op 26 juli 2018 is de Cao Bouw & Infra (hierna Cao Bouw) tot stand gekomen. Wij hebben ABU-leden over de consequenties en onze beoordeling van deze cao diezelfde maand geïnformeerd.

Recent, op 26 februari jl. is de Cao Bouw algemeen verbindend verklaard. In dit bericht informeren wij u over de ontwikkelingen sinds de totstandkoming van de cao en de consequenties van de algemeenverbindendverklaring (AVV). Hoewel we zeer ontevreden zijn over de algemeenverbindendverklaring van de regeling rondom BBL-leerlingen, zijn er ook positieve zaken te melden, te weten het intrekken door de cao-partijen van de afspraken rondom nieuwkomers en vakkrachten.

Eerste versie Cao Bouw & Infra en eerste aanvraag AVV

Na de totstandkoming van de Cao Bouw is door de cao-partijen in de bouw bij de minister een verzoek gedaan tot AVV-verklaring. Tegen deze AVV-verklaring zijn door de ABU tezamen met de NBBU bedenkingen ingediend. De bedenkingen spitsten zich met name toe op een drietal nieuwe afspraken die waren gemaakt in de Cao Bouw.

Het gaat om de volgende zaken.

  1. Nieuwkomers en vakkrachten
    Aan artikel 6 van de cao was een nieuw lid 5 toegevoegd, inhoudende dat de inlener zich ervan moest vergewissen dat de uitzendkracht het volledige arbeidsvoorwaardenpakket van een vakkracht ontvangt, waarmee uitzendkrachten/nieuwkomers een stuk duurder zouden worden.
  1. Inloopschalen
    Aan artikel 42a lid 7 sub a was in de overeengekomen cao een derde bullet toegevoegd, waardoor geregeld werd dat voor uitzendkrachten geen inloopschaal gebruikt zou mogen worden.
  1. BBL-leerlingen
    Via een wijziging van art. 65 lid 2 wordt geregeld dat alleen een opleidingsbedrijf een arbeidsovereenkomst en een Beroepspraktijkvormingsovereenkomst mag aangaan. Hiermee worden uitzenders uitgesloten.

Na het indienen van de bedenkingen door ABU en NBBU hebben de cao-partijen in de bouw hun AVV-aanvraag ingetrokken en hebben hun cao aangepast. De nieuwe bepalingen omtrent nieuwkomers en vakkrachten en de inloopschalen zijn uit de cao gehaald, waardoor op dit punt de oude situatie van voor 26 juli 2018 is hersteld.

Tweede versie Cao Bouw & Infra en algemeenverbindendverklaring

In de nieuwe, tweede versie van de Cao Bouw & Infra is als belangrijkste punt voor de uitzendsector artikel 65 lid 2, inzake de BBL-leerlingen opgenomen gebleven. Deze nieuwe cao is, met inbegrip van het BBL-artikel door de minister algemeen verbindend verklaard, dit ondanks dat opnieuw bedenkingen waren ingediend door ABU en NBBU.

Wij zijn van mening dat hiermee een slechte dienst wordt bewezen aan zowel uitzendondernemingen als ook de bouwsector en zijn werknemers. Juist de uitzendsector kan continuïteit bieden aan BBL-leerlingen en de risico’s overnemen van de bouwwerkgevers om mensen op te leiden. Hiermee zou de uitzendsector een wezenlijke bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van het tekort aan arbeidskrachten in de bouw. Helaas lijkt dit door de AVV van artikel 65 lid 2 onmogelijk gemaakt. Als ABU laten wij op dit moment onderzoeken wat de exacte consequenties zijn van de AVV.

Tot slot: ook de vergewisbepalingen in artikel 6 van de Cao Bouw zijn algemeen verbindend verklaard. Dit kan  gevolgen hebben voor uitzenders.

Als uitzender bent u gebonden aan de ABU-CAO voor Uitzendkrachten. Dit verandert niet direct door de Cao Bouw en het AVV-en daarvan. Immers, de Cao Bouw is alleen bindend voor de bouwwerkgevers. Als uitzender bent u dus in principe niet verplicht om de bepalingen in de Cao Bouw omtrent uitzenden uit te voeren.

Wel kan u door inlenende werkgevers in de bouw verzocht worden om uitvoering te geven aan de bepalingen in de Cao Bouw omtrent uitzendarbeid. De werkgevers in de bouw zijn hier op grond van de Cao Bouw toe verplicht. Als zij dit niet doen, blijven zij in gebreke. Deze verplichting van inlenende bouwwerkgevers is geregeld in art. 6 van de Cao Bouw. Deze werkgevers moeten op grond van de Cao Bouw zich ervan vergewissen dat de uitzendonderneming de relevante bepalingen in de Cao Bouw nakomt. Dit moet volgens de Cao Bouw worden vastgelegd in de inleenovereenkomst. Als uitzendbureau bent u niet verplicht om mee te werken aan dit verzoek van de opdrachtgever om een dergelijke afspraak te maken en dit in de inleenovereenkomst vast te leggen. Hierin heeft u (commerciële) keuzevrijheid. Wel kan dit ertoe leiden dat de inlener mogelijk daardoor geen overeenkomst met u wil sluiten. Mocht u wel de opdracht krijgen, maar is bovenstaande niet met u overeengekomen, dan moet u alleen invulling geven aan de ABU-CAO, maar hoeft u geen invulling te geven aan de Cao Bouw.

Gerelateerde artikelen