ABU: Algemene Bond Uitzendondernemingen

Intelligence Group: arbeidsmarkt gedraaid in eerste kwartaal 2024

De krapte is nog (lang) niet voorbij maar veel indicatoren laten zien dat er wel degelijk sprake is van enige afkoeling. Dat blijkt uit een onderzoek van Intelligence Group. De arbeidsmarkt reageert daarmee vertraagd op de economische teruggang die vorig jaar werd ingezet. Zoals gebruikelijk, zou je kunnen zeggen: meestal laten economische ontwikkelingen zich met enige vertraging gelden op de arbeidsmarkt.

Het is interessant in de gaten te houden wat er de komende tijd gaat gebeuren. De economie lijkt de weg naar boven weer voorzichtig te hebben ingeslagen. De vraag rijst dan direct: is de kanteling op de arbeidsmarkt maar van korte duur of zal er langere tijd sprake zijn van iets meer ontspanning?

Een aantal bevindingen uit het onderzoek van de Intelligence Group die aangeven dat de markt is gedraaid:

  • Een daling van het aantal mensen dat een andere/nieuwe baan heeft gevonden.
  • Een daling van de sourcingsdruk (de mate waarin mensen benaderd worden voor een baan/om te komen solliciteren). Voor het eerst sinds 2020 (corona) was er sprake van een afname.
  • Een lichte toename van de verwachte zoekduur naar een baan. Ook hier was al ruim drie jaar geen stijging meer waargenomen.
  • Een afname van de schaarste. Zowel kwantitatief (minder vacatures t.o.v. het actieve aanbod van arbeid) als meer kwalitatief (minder ondernemers die aangeven dat ze belemmerd worden door een tekort aan personeel).
  • Een toename van de werkloosheid.

Overigens is van een ruime arbeidsmarkt voorlopig nog geen sprake. De vraag is nog steeds hoog en het aanbod relatief laag. Gezien de economische vooruitzichten (gematigde groei en een licht oplopende werkloosheid) ligt het niet in de lijn der verwachting dat vraag flink zal afnemen en/of het aanbod sterk zal groeien. Kortom, blijvende krapte in het vooruitzicht, zeker ook gezien de toenemende vergrijzing. Tenzij de arbeidsproductiviteit sterk zal toenemen. De laatste jaren is dit nauwelijks gelukt.

Het CPB voorziet vanaf 2025 weliswaar een groei van circa één procent per jaar, maar dat is a) te weinig om de krapte echt te lijf te gaan en b) zijn de vooruitzichten wat betreft de groei van de arbeidsproductiviteit de laatste jaren steeds te optimistisch gebleken. Maar onder druk wordt alles vloeibaar. Hoe groter de schaarste en hoe langer deze aanhoudt, hoe groter de noodzaak voor werkgevers om te innoveren en arbeidsbesparende technologie door/in te voeren. Ook de prijs van arbeid speelt hierbij een rol. Wat dat betreft zijn de toenemende loonkosten (de loongroei is inmiddels hoger dan de inflatie) misschien wel een prikkel om uiteindelijk te bezuinigen op de inzet van arbeid.

Gerelateerde artikelen