Matthias Michelsen, compliance consultant bij Werkis: “Voor discriminatie bestaat bij ons geen enkele tolerantie”19 apr 2018


Matthias Michelsen.PNG

Als uitzender hebben we een grote verantwoordelijkheid om discriminatie op de arbeidsmarkt tegen te gaan. Werkis selecteert uitsluitend op competenties en zegt nee tegen discriminerende verzoeken. Matthias Michelsen, compliance consultant bij Werkis, is er duidelijk over.

“We werken vanuit een principiële basishouding, die wij ons ‘kloppend hart’ noemen. Wij onderscheiden ons door onze overtuiging dat we ons werk oprecht goed willen doen. We zijn integer, geïnteresseerd, betrokken en staan voor wat we zeggen. Discriminatie hoort in dat rijtje niet thuis. We zetten ons al jaren in om die te bestrijden. Dat doen we via onze bedrijfscultuur, ons beleid, praktische maatregelen zoals opleidingen en gedragsregels én via het management, dat consequent uitdraagt dat voor discriminatie geen enkele tolerantie is.”

Discriminatie is en blijft binnen onze organisatie een prominent en terugkerend onderwerp in trainingen.

De uitzending van Radar is voor Werkis aanleiding nog scherpere maatregelen te nemen. Alle medewerkers werken nu verplicht met de app Diversiteit loont van STOOF. Wekelijks moeten ze vier vragen over dit onderwerp beantwoorden. Michielsen: “We willen onze medewerkers daarnaast de cursus Selecteren zonder vooroordelen laten volgen, die is ontwikkeld door het College voor de Rechten van de Mens. We beraden ons nog over de inzet van mystery guests. Gaat een medewerker toch de fout in, dan ondernemen we actie. Eerst geven we een waarschuwing. Gebeurt het nogmaals, dan volgt een educatieve maatregel en gaat die persoon op ‘antidiscriminatiecursus’, waarbij de kosten voor de medewerker zijn.”

Kanttekening

Er is ook een kanttekening te plaatsen bij de huidige discussie, vindt Michielsen. “Discriminatie speelt in iedere branche. Maar de aandacht is nu gevestigd op uitzenders, omdat wij door onze intermediairsfunctie makkelijker te peilen zijn dan andere werkgevers. Als uitzender hebben wij er behoefte aan te horen waar onze verantwoordelijkheid precies begint en waar zij ophoudt, bijvoorbeeld als een inlener iemand afwijst om discriminerende redenen. Het is nu diffuus. Wellicht kan het College voor de Rechten van de Mensen in combinatie met de ABU de scheidslijn ophelderen.

De uitzending van Radar heeft een positief effect gehad. Ik merk het binnen onze eigen organisatie: het onderwerp leeft en men houdt elkaar scherp. Discriminatie is en blijft binnen onze organisatie een prominent en terugkerend onderwerp in trainingen. Wij nemen onze verantwoordelijkheid. Dat zijn wij verplicht aan de uitzendkrachten, opdrachtgevers en onszelf.”