ABU: Algemene Bond Uitzendondernemingen

Waar vind je talent in een wereld die vergrijst?

Van Polen naar India: waarom Nederland zijn blik op arbeidsmigratie radicaal moet verleggen

Het is een opvallend geluid in het migratiedebat: om de gevolgen van vergrijzing tegen te gaan, moeten we handels- en migratiepacten sluiten met landen die demografisch de wind in de zeilen hebben. Zo adviseert althans de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Dat betekent dus ook: arbeidskrachten werven in – bijvoorbeeld – India. 5 experts over wat dat betekent.

Liefst 281 pagina’s telt het rapport Met de mondiale demografie mee. Anticiperen op krimpend arbeidsaanbod in het buitenland. Maar prof. dr. Casper de Vries, raadslid van de WRR, komt snel tot de kern: “Er zijn enorme veranderingen gaande in de wereldwijde demografie. Niet alleen Nederland vergrijst, ook Oost-Europa. Dat is geen verre toekomst. Er gaan nu al meer Polen terug dan er hier komen werken. Ook China vergrijst in rap tempo. Aan het eind van deze eeuw is de Chinese bevolking gehalveerd. En al rond het midden van de eeuw zijn er 300 miljoen mensen minder in de werkzame leeftijd. Maar China is nu wel de fabriek van de wereld. Wat betekent dat voor de toekomst?”

“Demografie is geen mening, het is een feit. China halveert. Europa vergrijst.”

Prof. dr. Casper de Vries, raadslid van de WRR

Gevulde schappen

Hoe zorgen we dat onze schappen gevuld blijven? Hoe vangen we die steeds grotere tekorten op onze arbeidsmarkt op? De Vries: “We willen bijna een miljoen huizen bouwen. We hebben veel meer mensen nodig in de zorg en in de techniek. Dat zijn essentiële onderdelen van onze brede welvaart. Dan moet je ook zeggen: daar horen mensen uit het buitenland bij. Dat betekent dat zowel de Nederlandse regering als uitzenders moeten nadenken over wat ons te wachten staat. Waar gaan we onze mensen vandaan halen? Hoe?”

WRR: kijk voor arbeidskrachten ook buiten Europa

Het ‘waar’ is vrij eenvoudig beantwoord. De Vries: “Met name India, Indonesië en Bangladesh hebben demografisch dividend: daar zijn veel werkenden en relatief weinig kinderen en ouderen die daarvan afhankelijk zijn. Ook Afrika heeft een enorm jonge bevolking.”

Het ‘hoe’ is een stuk lastiger. Neem de politiek. Waar Den Haag zich van links tot rechts vooral richt op inperking van migratie, zal het advies om arbeidsmigratie uit Azië en Afrika mogelijk te maken niet met gejuich worden onthaald. De Vries: “Frank Kalshoven noemde ons rapport in de Volkskrant ‘tegendraads’ en dat vat ik op als een compliment. Regeren is vooruitzien. Demografie is geen mening, het is een feit. China halveert. Europa vergrijst. Dat weten we. Dan moet je daar nu op reageren, anders sta je straks weer voor voldongen feiten.” Het is van belang, zo benadrukt De Vries, om het eerlijke verhaal te vertellen. “Je moet mensen erop wijzen dat de wereld verandert. Als je geen mensen van buiten wilt, moet je ook accepteren dat er straks niemand is om je steunkousen aan te trekken.”

Circulaire arbeidsmigratie

De Vries pleit zeker niet voor ongebreidelde arbeidsmigratie, integendeel: “De vraag is: is het handiger om mensen hierheen te halen, of om een deel van de productie daar te doen? We moeten flexibeler en internationaler denken en dit in EU-verband regelen om perverse effecten te voorkomen. Misschien moeten sommige producten niet meer hier worden gemaakt. Asperges kunnen ook in Spanje groeien. We moeten ook nadenken over hoe en onder welke voorwaarden we arbeidsmigranten gaan opleiden. Als we straks meer mensen uit India of Afrika willen halen, is het dan misschien beter om ze daar eerst op te leiden? Maak daarover goede afspraken tussen regeringen. Arbeidsmigratie kan circulair zijn. Mensen komen hiernaartoe, doen werkervaring en kennis op en gaan weer terug. Alles moet netjes geregeld zijn: voor de arbeidsmigranten, voor de Nederlanders en voor de landen van herkomst. Dat betekent ook dat er fatsoenlijke begeleiding en huisvesting moet zijn. We mogen niet wegkijken voor problemen.”

Rol uitzenders: vooruitzien

Wat voor rol kunnen uitzenders hierin spelen? “De uitzendbranche moet vooruitzien. De markt gaat veranderen: er zal minder laaggeschoold werk komen en meer hooggeschoold, bijvoorbeeld bij technologiebedrijven. Daar moet je nu al op voorsorteren. Als je met 1–0 voor staat en niets doet, sta je straks misschien wel achter. Voor de uitzendbranche is het cruciaal om een plan te maken: hoe ga je opleiden, huisvesten, integreren? En waar komen in de toekomst de mensen vandaan? Dat plan moet je in Den Haag en in Brussel neerleggen. Met een goed plan – opleiding, huisvesting en integratie – kan het debat kantelen. En dan verandert ook de politiek.”

De kern van het WRR-rapport

Nederland moet tijdig anticiperen op mondiale demografische verschuivingen in arbeidsaanbod. De WRR adviseert om handels-, arbeidsmigratie- en ontwikkelingsbanden aan te halen met landen die de demografische wind in de zeilen krijgen. Op zulke manieren ‘meebewegen met de mondiale demografie’ houdt prijzen voor Nederlandse burgers en bedrijven betaalbaar, biedt kansen voor Nederlandse bedrijven, beperkt arbeidsmarkttekorten en geeft ontwikkelingsmogelijkheden voor jonge, opkomende economieën. Door migratiepartnerschappen met landen af te sluiten, is regulering en sturing van arbeidsmigratie mogelijk. Valkuilen als uitbuiting of ongewenste verdienmodellen moeten worden voorkomen.

Femke Laagland

“Voor uitzenders zie ik een nieuwe, andere rol”

Femke Laagland, Kroonlid SER

Femke Laagland is hoogleraar arbeidsrecht en Kroonlid bij de SER, dat vorig jaar het advies Arbeidsmigratie naar waarde: minder waar het kan, beter waar het moet uitbracht. Dat Europa door vergrijzing vakkrachten van buiten Europa nodig heeft, staat ook voor Laagland niet ter discussie. Voorwaarde is wel, zo vertelt ze, dat het netjes, eerlijk en beheersbaar gebeurt. En daar wringt de schoen. “De huidige kennismigrantenregeling is niet geschikt voor vakkrachten. Hierdoor zijn sluiproutes ontstaan waarbij derdelanders via buitenlandse EU-uitzenders in Nederland tewerkgesteld worden. In ons SER-advies zeggen we daarom: pak dat ‘misbruik’ eerst aan. Kijk waar je binnen de Europese kaders mogelijk strengere eisen kunt stellen. En pas als dat op orde is, moet je nadenken over hoe je vakkrachten uit derde landen onder goede voorwaarden naar Nederland haalt.”

Arbeidsmigratie vraagt meer dan economische blik

Laagland pleit voor een brede blik op arbeidsmigratie. “Het gaat niet alleen om het behouden van onze welvaart, maar om de vraag hoe we met elkaar samenleven. Als je mensen naar Nederland haalt om in bepaalde vitale sectoren te werken, hebben zij ook woningen nodig, kinderopvang, scholen en zorg. Dat moet je allemaal meewegen. Wat ik sterk vind aan ons SER-advies is dat we proberen die verschillende belangen bij elkaar te brengen. We zeggen niet dat bepaalde sectoren moeten verdwijnen, maar we zetten wel in op kwaliteit van werk, op fatsoenlijke betaling en op vitale sectoren.”

SER: derdelanders moeten direct in dienst bij werkgever

Hoe ziet de SER de rol van uitzenders hierin? “Als het gaat om derdelanders menen wij als SER dat deze mensen direct in dienst moeten komen bij het bedrijf waar ze werken. Dat is voor de uitzendbranche misschien even slikken. Maar uit heel veel rapporten blijkt dat zodra er schakels tussen zitten – meerdere uitzendbureaus, onderaannemers, inleners – verantwoordelijkheden vervagen. Wie betaalt het loon? Wie is verantwoordelijk voor veiligheid op het werk? Die vragen worden dan heen en weer geschoven. Zo ontstaat een juridisch ingewikkeld speelveld. De arbeidsmigrant heeft geen idee meer waar hij moet zijn.”

Nieuwe rol voor uitzenders

Geen uitzendconstructies dus als het aan de SER ligt, maar desondanks ziet Laagland kansen voor uitzenders. “Ik zie een nieuwe, andere rol voor uitzenders. Zij hebben enorm veel kennis en kunde in huis. In de toekomst kunnen zij bedrijven ontzorgen bij internationale werving, bij opleiding in het buitenland, bij taaltraining, bij de complete voorbereiding, begeleiding en huisvesting. Daar kunnen uitzendorganisaties enorme meerwaarde hebben. Dit vraagt om omdenken, maar het biedt ook nieuwe kansen. Eén die past bij een arbeidsmarkt die eerlijker, transparanter en toekomstbestendiger wordt.”


 

Peter Loef

"Er moet een maatschappelijke balans zijn tussen economische kansen en sociale cohesie"

Peter Loef, programmamanager Arbeidsmigratie ABU

Peter Loef, programmamanager Arbeidsmigratie ABU: “Nederland heeft een structurele krapte op de arbeidsmarkt, die we niet alleen met eigen krachten kunnen oplossen. Goed georganiseerde arbeidsmigratie – waaronder ook van buiten de EU – is essentieel om onze brede welvaart te behouden en de noodzakelijke transities in de zorg, techniek en bouw te realiseren. Arbeidsmigratie is dus geen doel op zich, maar een middel om welvaart en kwaliteit van leven te versterken, óók voor migranten en hun landen van herkomst. Waardige arbeidsmigratie is arbeidsmigratie waar goed werkgeverschap, integratie, veiligheid en eerlijke werkcondities goed geregeld zijn. En, heel belangrijk, er moet een maatschappelijke balans zijn tussen economische kansen en sociale cohesie. Alleen op die manier is arbeidsmigratie van waarde.”


 

Nico Geerlings

FHS werkt met monteurs uit de Filipijnen: “Circulaire migratie heeft de toekomst”

Nico Geerlings, directeur FHS

Het overgrote merendeel van de internationale krachten van FHS is afkomstig uit Oost-Europa. Maar nu met name hoger opgeleide Polen steeds moeilijker te porren zijn voor werk in Nederland, kijkt directeur Nico Geerlings ook over de grenzen van de EU. “Om te voldoen aan een specifieke klantvraag, zijn wij een project gestart om in totaal zes Filipijnen naar Nederland te halen via de kennismigrantenregeling. Twee zijn al aan het werk, vier volgen binnenkort. Het gaat om technici die geavanceerd monteurswerk gaan doen. De Filippijnen hebben een overschot aan goed opgeleide talenten en zijn internationaal georiënteerd.”

Uitzenders: zorg voor kwaliteit!

Kennismigratie heeft wat Geerlings betreft de toekomst. “Er zijn 30.000 vacatures in de zorg alleen. Arbeidsmigranten van buiten de EU, zullen hard nodig zijn om onze essentiële sectoren draaiende te houden. Het is twee voor twaalf. Ik ben een groot voorstander van circulaire arbeidsmigratie. Maar dat heeft alleen kans van slagen als uitzenders aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen en er handhaving is. We moeten misbruik van de kennismigrantenregeling voorkomen, zoals met de uitbuiting van Chinese koks. Ik ben bang dat als er nu een paar slechte voorbeelden aan het licht komen, de deur voor arbeidskrachten van buiten de EU dichtgaat. Dat baart mij zorgen. Ik wil onze sector oproepen dit nu goed te regelen.”

Collectieve afspraken kunnen tijd en moeite schelen

Wat vraagt het van een uitzender om mensen uit een ander werelddeel hier goed te laten landen? Stephanie van den Berg, manager Operations bij FHS: “Een collega is hier fulltime mee bezig. We werken samen met een wervingspartner in de Filippijnen en hebben een overeenkomst met de Filipijnse ambassade gesloten. We moeten aan veel regels voldoen.” Geerlings: “Het zou veel tijd en moeite schelen als er collectieve overheidsafspraken met landen als de Filipijnen kwamen.”

Ook de onboarding, huisvesting en begeleiding vragen tijd en aandacht. Deels kunnen de Filipijnse monteurs aansluiten op de bestaande infrastructuur van FHS, deels wordt er maatwerk geleverd. Van den Berg: “We laten deze mensen samen in een huisje wonen, dat wilden ze graag. Onze projectleider, een Filipijnse vrouw, maakt haar landgenoten wegwijs in Nederland, op sociaal, cultureel en praktisch vlak. Ze bezoekt zelfs voetbalwedstrijden met hen.”


 

Gert-Jan Segers

OTTO Work Force werkt met Indonesisch zorgpersoneel

Gert-Jan Segers: “Met goede regulering neem je elk bezwaar weg”

Gert Jan Segers (56) is als adviseur verbonden aan OTTO Work Force. “OTTO is 2 jaar geleden begonnen om Indonesiërs naar Nederland te halen voor werk in de zorg. Dat gebeurt via een strategisch partnerschap met een universiteit in Jakarta. Indonesië heeft een tijdelijk overschot aan zorgpersoneel, wij een tijdelijk tekort. De afspraak is dat zij maximaal 5 jaar blijven en daarna terugkeren. In die tijd verdienen ze geld en doen ze waardevolle werkervaring op, die ze weer kunnen inzetten voor hun eigen land. Deze mensen werken niet via de uitzendconstructie, maar zijn in dienst van de opdrachtgever. Zo voorkomen we dat er een afhankelijkheidsrelatie ontstaat.”

Toewijding

OTTO zorgt voor de werving, goede huisvesting, culturele onboarding en taalles. Ofwel: opdrachtgevers worden op elk vlak ontzorgd. Segers: “Er zijn nu enkele tientallen Indonesiërs aan het werk in de Nederlandse zorg en steeds komt er via die universiteit een nieuwe lichting. Op de werkvloer merk je dat er in het begin nog wel wat koudwatervrees is, maar die verdwijnt heel snel. Deze mensen zijn namelijk enorm toegewijd en gedreven.”

Regulering

Deze vorm van circulaire arbeidsmigratie sluit naadloos aan bij de visie van de SER. Segers: “Om te zorgen dat essentiële sectoren zoals de zorg, de bouw en de techniek blijven draaien, kunnen we niet zonder arbeidsmigratie van buiten de EU. Maar ik snap de maatschappelijk argwaan, omdat toen de grenzen van de EU opengingen voor werkenden er een grote golf arbeidsmigranten onze kant is opgekomen. Wij pleiten er net zoals de SER en WRR voor om die groei wel te reguleren. Als we een goede vakkrachtenregeling opzetten, kun je bijvoorbeeld zeggen: we laten een beperkt aantal vakmensen toe voor een periode van 5 jaar en deze mensen mogen alleen werken in vitale sectoren. Op die manier zorg je voor maximale regulatie, lossen wij een tekort op en voorkomen we een braindrain in de landen van herkomst. Omdat deze werkenden terugkeren, is het migratiesaldo uiteindelijk nul. Op die manier neem je eigenlijk alle bezwaren tegen arbeidsmigratie weg. Zo’n collectieve afspraak voorkomt tot slot veel regelwerk in de werving; nu moeten voor elk individu veel bureaucratische handelingen worden verricht.”

Gerelateerde artikelen