Veiligheidsdeskundige Raymond Derksen: 'Veilig werken begint vóór de eerste werkdag'
De bouwsector kan niet zonder inhuurkrachten. Zij leveren dagelijks een belangrijke bijdrage aan bouwprojecten door heel Nederland en zorgen voor de flexibiliteit die de sector nodig heeft. Tegelijkertijd heeft iedereen hetzelfde doel: dat medewerkers aan het einde van de werkdag weer veilig naar huis gaan.
Toch blijkt in de praktijk dat veiligheid niet alleen draait om helmen, steigers en gereedschap. Een veilige werkdag begint vaak al veel eerder, namelijk bij een goede voorbereiding. Daarom werken Bouwend Nederland, Governance Code Veiligheid in de Bouw (GCVB), Aannemersfederatie Nederland (AFNL), ABU en NBBU samen in leerprojecten waarin zij onderzoeken hoe inhuurkrachten veiliger aan het werk kunnen op de bouwplaats.
De basis voor veilig werken
Eén van de leerprojecten richt zich op de vraag – hoe betrek je inhuurkrachten op de werkplek? Om dat te onderzoeken zijn er een aantal pilots ontwikkeld, waarvan het werken met een uitvraagformulier er één van is. Hierdoor begint iedere werkende goed voorbereid aan een opdracht.
Volgens NBBU-lid Raymond Derksen, operationeel manager bij JS Techniek en middelbaar veiligheidskundige (MVK), ligt daar de sleutel tot veiliger werken. Na bijna 30 jaar in de uitzendbranche weet Raymond dat veilig werken al begint vóór de eerste werkdag. Als vooraf niet duidelijk is wat een opdracht vraagt, vergroot dat de kans op onveilige situaties.
“We moeten veel beter weten wat voor project het is, wat voor werkzaamheden iemand gaat doen en wie de begeleiding verzorgt. Pas dan kun je iemand goed voorbereiden.”
De juiste persoon op de juiste plek
Binnen het leerproject wordt onder andere gewerkt aan een uitvraagformulier. Daarbij onderzoeken opdrachtgevers en uitzendondernemingen of deze werkwijze kan bijdragen aan een betere voorbereiding van opdrachten. Het doel is om vooraf beter in kaart te brengen wat een opdracht precies vraagt. Denk aan de werkzaamheden, de werkomgeving, de begeleiding op locatie en de benodigde competenties en certificaten. Volgens Raymond lijkt het misschien een klein hulpmiddel, terwijl het in de praktijk een groot verschil kan maken.
“Je krijgt nu vaak een telefoontje met de vraag of je een elektromonteur kunt leveren. Dan weet je ongeveer wat er nodig is. Maar ongeveer is niet altijd goed genoeg.”
Door een betere uitvraag voor de start van een opdracht, kunnen medewerkers beter worden voorbereid op de werkzaamheden en de omstandigheden op de bouwplaats. Dat draagt bij aan een veiligere werkplek voor iedereen.
“Als iemand werkzaamheden moet uitvoeren die niet goed aansluiten bij zijn ervaring of verwachtingen, dan neemt het risico op fouten toe. Dat moeten we zoveel mogelijk zien te voorkomen.”
Van reageren naar voorkomen
“We zijn gewend om in actie te komen als er iets fout gaat. Dit project draait juist om de vraag: hoe zorgen we ervoor dat het niet fout gaat?”
Volgens Raymond ligt daar ook de grootste uitdaging van het leerproject: zorgen dat opdrachtgevers en uitzendondernemingen de nieuwe hulpmiddelen echt onderdeel maken van hun dagelijkse werkwijze.
Dat lijkt vanzelfsprekend, maar in de praktijk vraagt het om nieuwe werkwijzen. Zowel van uitzendondernemingen als van opdrachtgevers.
“Het is echt een cultuuromslag. Opdrachtgevers vinden het initiatief heel interessant, maar uiteindelijk pakken ze vaak toch weer de telefoon. Dat is logisch, want zo werken ze al jaren. Alleen zit juist daar nog veel winst.”
Een veilige start vraagt om goede voorbereiding én begeleiding
Volgens Raymond stopt veiligheid niet bij het maken van goede afspraken vooraf. Ook op de eerste werkdag is het belangrijk dat medewerkers weten wat er van hen wordt verwacht en bij wie ze terechtkunnen met vragen.
“Je kunt iemand nog zo goed voorbereiden, maar uiteindelijk moet iemand zich op de werkplek ook welkom en ondersteund voelen.”
Daarmee raakt het leerproject ook een ander belangrijk onderwerp: sociale veiligheid.
Mensen moeten zich veilig voelen om iets te zeggen
Volgens Raymond denken veel medewerkers op de bouw bij veiligheid vooral aan de risico’s die ze elke dag zien en meemaken. Dat zijn de gevaren die ze tijdens hun werk direct kunnen tegenkomen. Maar ook gedrag, houding en goede communicatie zijn belangrijk voor een veilige werkomgeving.
“Als mensen zich niet veilig voelen om iets te zeggen, dan hoor je ook niet wat er misgaat.”
Juist daarom vindt hij het belangrijk dat medewerkers laagdrempelig meldingen kunnen doen en weten dat daar iets mee gebeurt.
Hij geeft een voorbeeld van een medewerker die bij hem een onveilige situatie op een steiger meldde.
“Hij maakte een foto en stuurde die naar mij. Vervolgens is hij in gesprek gegaan met de uitvoerder. Die heeft de situatie opgelost en is er direct aandacht aan besteed tijdens een toolboxmeeting.”
Volgens Raymond zit daar een belangrijke les.
“Mensen moeten zien dat er iets gebeurt met hun melding. Dan durven ze de volgende keer ook weer iets te melden.”
Veilig werken begint met aandacht voor mensen
Voor Raymond is veilig werken een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Opdrachtgevers, uitvoerders, uitzendondernemingen en uitzendkrachten hebben allemaal een rol om risico’s te verkleinen. Dat begint volgens hem met een goede voorbereiding, duidelijke verwachtingen en aandacht voor de mensen die het werk uitvoeren.
“Het mooie van dit project is dat we niet alleen praten over veiligheid, maar ook kijken hoe we dingen daadwerkelijk beter kunnen organiseren.”
Samenbouwen aan meer veiligheid
De eerste ervaringen uit het leerproject laten zien dat kleine veranderingen een groot verschil kunnen maken. Een betere uitvraag, een vast aanspreekpunt en meer aandacht voor voorbereiding en begeleiding helpen om medewerkers veiliger aan het werk te laten gaan.
Voor Raymond begint een veilige werkdag uiteindelijk met aandacht voor de mensen die het werk uitvoeren.
“Het zijn geen nummers en geen producten. Het zijn mensen. Als je weet wie je voor je hebt, kun je iemand beter begeleiden, beter voorbereiden en uiteindelijk ook veiliger laten werken.”