Talent ontwikkeling: Randstad wil zoveel mogelijk nieuwkomers een kans geven
Wat begon als een pilot in Almere, is voor Randstad uitgegroeid tot een aanpak die inmiddels op meerdere plekken in Nederland wordt toegepast. Met succes.
Dat veel nieuwkomers zeer gemotiveerd zijn om te werken, was Rogier Schweitzer, branchespecialist publiek-privaat samenwerken bij Randstad, uit eerdere projecten al duidelijk geworden. Echter: de infrastructuur om hen aan werk te helpen ontbrak. De komst van Oekraïense vluchtelingen in 2022 – en daarmee ook allerlei projecten om hen aan werk te helpen – zorgde voor een omslag. Rogier: “Maar wij hebben gezegd: wij willen alle nieuwkomers een kans bieden. Niet meer: die wel en die niet.”
“Wij willen nieuwkomers niet alleen helpen bij het vinden van die eerste baan, maar ook bij het realiseren van een duurzame loopbaan.”
Rogier Schweizer, Randstad
1 loket
Dat leidde tot de pilot in Almere. Randstad, het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en de gemeente sloegen de handen ineen om een laagdrempelige voorziening op te zetten waar bewoners van een asielzoekerscentrum terechtkonden met vragen over werk. Schweitzer: “Vanuit 1 loket werden geïnteresseerden begeleid naar passende vacatures. Het COA verzorgde de toegang en begeleiding op de opvanglocatie, de gemeente ondersteunde onder meer bij integratie en jobcoaching, en wij brachten werkgevers en werkzoekenden bij elkaar.”
De resultaten waren veelbelovend. “Zeker als je bedenkt dat werkgevers destijds nauwelijks ervaring hadden met deze groep. Er was onbekendheid met de regels, en ook wel koudwatervrees. Toch hebben we van de 160 asielzoekers die wij spraken er 60 aan werk geholpen.”
Schaalbaar
‘Almere’ vormde aldus een blauwdruk voor andere projecten. Schweitzer: “Dit concept is in principe overal toepasbaar. We zijn – met het COA als onze partner – met meer gemeenten in gesprek gegaan. Inmiddels zijn vergelijkbare projecten opgezet in onder meer Amsterdam, Den Haag, Goeree-Overflakkee en Dordrecht. In Dordrecht werken we samen met het Regionaal Werkcentrum. Daarnaast hebben we een speciale nieuwkomersunit opgericht die landelijk opereert. Deze unit opereert onafhankelijk van publieke partijen en werkt puur vanuit de werkgeversvraag. Vervolgens kijken wij: zijn er mensen die dit werk willen doen? Zo hebben we in een jaar tijd 300 nieuwkomers werk bezorgd.”
Winst
Het tij zit dan ook mee. Asielzoekers mogen nu het hele jaar werken. En door de positieve ervaringen, is de terughoudendheid bij werkgevers een stuk minder. Schweitzer: “Bedrijven ontdekten dat asielzoekers vaak zeer gemotiveerde en loyale medewerkers zijn, met een sterke wens om een zelfstandig bestaan op te bouwen in Nederland. Vooral in internationaal georiënteerde sectoren als logistiek, distributie en productie bleek de aansluiting goed te werken.”
Zo winnen alle partijen. Schweitzer: “Werk biedt nieuwkomers de kans om de taal te leren, sociale contacten op te bouwen en sneller te integreren. Voor werkgevers betekent het toegang tot een nieuwe groep gemotiveerde medewerkers. En voor de samenleving als geheel levert het een snellere participatie op, waardoor mensen minder afhankelijk worden van publieke voorzieningen.”
Uitdaging
Schweitzer ziet zich ondertussen voor een andere uitdaging gesteld, een die misschien nog veel groter is. “Veel asielzoekers zijn bereid om direct aan de slag te gaan in logistieke of productiebanen, maar zodra zij een verblijfsstatus krijgen, ontstaat vaak de wens om werk te vinden dat beter aansluit bij hun opleiding en ervaring. Daar lopen zij tegen nieuwe barrières aan, zoals de erkenning van diploma’s, taalvereisten en onbekendheid met hun vaardigheden. Wij willen hen niet alleen helpen bij het vinden van die eerste baan, maar ook bij het realiseren van een duurzame loopbaan.”
Of het nu gaat om een eerste opstapje of een vervolgbaan: er liggen voor uitzenders mooie kansen. Zeker nu minister Aartsen van Werk en Participatie onlangs bekendmaakte dat hij de komende 4 jaar 75.000 meer statushouders en kansrijke asielzoekers die hier mogen blijven aan het werk helpen. De minister wil het standaard maken om al tijdens de asielfase en in de inburgering te kunnen werken en wil zo een doorbraak forceren. Schweitzer: “Dat biedt absoluut mogelijkheden. Oók voor andere uitzenders, waarmee we nauw samenwerken in onze projecten. Het werken met nieuwkomers doen wij niet vanuit een uitzendperspectief, maar als arbeidsbemiddelaar. Vraag je af: wat is mijn corebusiness, wat is mijn kracht en welke bijdrage kan ik leveren aan dit vraagstuk?”
“Uitzenders helpen nieuwkomers hun weg naar werk te vinden”
Gertru Diender, directeur vakontwikkeling & Ondersteuning bij het COA
“Veel asielzoekers zitten lang in de procedure. Dat is jammer, want mensen komen naar Nederland met goede bedoelingen, energie en vaak ook kennis en ervaring. Ze hopen hier een nieuw bestaan op te bouwen. Als je vervolgens lange tijd in een azc verblijft zonder veel te kunnen doen, zakt de moed weg. Wanneer je uiteindelijk een verblijfsstatus krijgt, moet je vaak opnieuw beginnen.
Voor werkgevers én nieuwkomers is het belangrijk dat asielzoekers zo snel mogelijk aan het werk kunnen. Werk geeft zingeving, structuur en welzijn. Mensen kunnen iets terugdoen, geld verdienen en contacten opbouwen. Ook voor opvanglocaties draagt werk bij aan rust en welbevinden.
Het kabinet wil daarom dat asielzoekers eerder aan het werk gaan. Daarbij gaat het in eerste instantie om ‘any job’: niet per se werk op het niveau waarop iemand in het land van herkomst actief was. Het belangrijkste is dat mensen kennismaken met de Nederlandse arbeidsmarkt en werkervaring opdoen.
Juist daar liggen kansen voor uitzendbureaus. Reguliere werkgevers vinden het soms nog spannend om met deze doelgroep te werken. Via een uitzendbureau wordt die stap vaak kleiner. Bovendien kan uitzendwerk een opstap zijn naar een vaste baan. Het helpt nieuwkomers hun weg naar de arbeidsmarkt te vinden en biedt voordelen voor alle betrokken partijen.”