ABU: Algemene Bond Uitzendondernemingen

Wtta: overgangsrecht én een belangrijke rol voor inleners

Vanaf 1 januari 2028 mogen inleners alleen samenwerken met uitleners die zijn opgenomen in het openbare register van de NAU. Door het overgangsrecht staan in de eerste jaren van het toelatingsstelsel niet alleen toegelaten uitleners in dit register, maar ook een groep uitleners die nog niet is toegelaten. Dat brengt extra aandachtspunten met zich mee voor inleners. 

Overgangsrecht zorgt tijdelijk voor 2 soorten uitleners in het register

Om toegelaten te worden tot het stelsel moet een uitlener aantonen dat hij voldoet aan het normenkader. Dat gebeurt met een inspectierapport van een inspectie-instelling. De toelating is 4 jaar geldig en moet dus elke vier jaar opnieuw worden aangevraagd.

Voor de eerste toelatingsaanvragen in mei en juni 2027 geldt het overgangsrecht. Uitleners met een geldig SNA-keurmerk hoeven bij hun aanvraag eenmalig nog geen inspectierapport te overleggen. Zij kunnen op basis van hun keurmerk worden toegelaten. 

Voor uitleners zonder SNA-keurmerk geldt een andere route. Zij worden onder voorwaarden opgenomen in het register, maar zijn nog niet toegelaten. Zij moeten later alsnog een inspectierapport overleggen waaruit blijkt dat zij aan het normenkader voldoen. Zij kunnen op basis van hun keurmerk die geldig is op 30 juni 2027 worden toegelaten.

Dat betekent dat vanaf 1 januari 2028 2 groepen uitleners in het register kunnen staan: 

  • toegelaten uitleners 
  • niet-toegelaten uitleners die onder het overgangsrecht vallen 
    • deze uitleners moeten nog een inspectierapport overleggen 

Inleners mogen met beide groepen samenwerken zolang zij in het register staan. 

Niet elke partij in het register heeft dezelfde status

Een belangrijk verschil is dat toegelaten uitleners al hebben aangetoond dat zij voldoen aan de voorwaarden voor toelating. Uitleners die onder het overgangsrecht in het register staan, moeten dat bewijs nog leveren. Zij krijgen een aparte, zichtbare status in het register: nog niet toegelaten, maar wel bevoegd om uit te lenen.

Als uit een latere inspectie blijkt dat een uitlener niet aan het normenkader voldoet, kan de aanvraag alsnog worden afgewezen. De uitlener wordt dan uit het register verwijderd. Vanaf dat moment mag je als inlener niet langer met deze partij samenwerken.

Volgens de NAU duurt het vanwege de beperkte inspectiecapaciteit naar verwachting enkele jaren voordat het register volledig bestaat uit toegelaten uitleners. Er wordt van uitgegaan dat pas in 2031 alle uitleners een eerste controle hebben ondergaan.

De wettelijke verplichting voor inleners blijft hetzelfde

Voor inleners verandert de hoofdregel niet. Vanaf 1 januari 2028 moet je samenwerken met een uitlener die in het openbare register staat.

Het register wordt daarom een belangrijk hulpmiddel. Daarin controleer je of een uitlener geregistreerd is en via het notificatiesysteem is de status van een toelating te volgen. Denk bijvoorbeeld aan een schorsing of intrekking.

Ook inleners hebben een rol bij het normenkader

In de markt bestaat soms het beeld dat het normenkader alleen een verantwoordelijkheid is van de uitlener. Dat klopt niet. 

De wettelijke verplichting om aan het normenkader te voldoen ligt weliswaar bij de uitlener, maar voor een deel van de eisen heeft de uitlener informatie of medewerking van de inlener nodig. Dat geldt bijvoorbeeld voor: 

  • de registratie van begin- en eindtijden 
  • de juiste beloning van arbeidskrachten 

Zonder die medewerking kan een uitlener in sommige gevallen niet aantonen dat hij aan het normenkader voldoet. Hij blijft niet in het register staan en de inlener mag niet langer samenwerken met deze uitlener.

Omdat de inlener wettelijk verplicht is samen te werken met een toegelaten uitlener, en toelating afhankelijk is van naleving van het normenkader, heeft de inlener indirect een verplichting om daaraan mee te werken. Samenwerking met een uitlener die niet aan het normenkader voldoet, is geen alternatief, omdat deze straks niet op de markt mag opereren. De inlener zou daarmee zijn wettelijke verplichting overtreden en een boete van de Arbeidsinspectie riskeren.

Gerelateerde artikelen